Boekbespreking De Gids 2.0. Over begaafdheid in het po en vo
Na De Gids uit 2016 heeft Eleonoor van Gerven nu De Gids 2.0 (Leuker.nu 2023) samengesteld. De Gids 2.0 is niet een nieuwe uitgave van De Gids, maar een aanvulling op de ‘oude’ gids. De 17 nieuwe hoofdstukken bevatten dus andere thema’s en moeten de huidige stand van de wetenschap reflecteren. Wat hetzelfde is, is dat De Gids 2.0 de verbinding tussen theorie en praktijk als uitgangspunt heeft. Dat spreekt ons bij Bureau Talent aan!
Recent wetenschappelijk onderzoek, waaronder dat van Sven Mathijssen naar kindertekeningen, van Sabine Sypré over motivatie, en van Eleonoor van Gerven zelf naar professionalisering van leraren hebben een plek gekregen. En een zeer deskundig auteursteam, waaronder ook Anouke Bakx, Karine Verschueren, Jeroen Lavrijsen, Mia Frumau en Ophélie Desmet zorgen voor interessante én degelijke wetenschappelijke kost. Gezien Bureau Talents ambitie om bij te dragen aan gelijke kansen in het begaafdenonderwijs, hebben we het hoofdstuk over dat thema, geschreven door Linda van den Bergh en Marijke van Vijfeijken, nader onder de loep gelegd.
Na een inleiding gaat het hoofdstuk in op drie paradigma’s in verband met kansengelijkheid: 1) het paradigma van het begaafde kind; 2) het paradigma van talentontwikkeling; 3) het differentiatieparadigma.
Bij het eerste paradigma wordt uitgegaan van gemeten begaafdheid als toegangspoort voor faciliteiten, zoals begaafdheidsprogramma’s. Dit paradigma brengt verschillende risico’s mee. Het risico dat een leerling niet gesignaleerd wordt doordat leraren (onbewuste) vooroordelen hebben, het risico dat leerlingen onderpresteren en dus niet hun cognitieve capaciteiten laten zien en het risico dat een intelligentietest niet meet wat je wilt weten. Dat laatste was voor de partners in ons Erasmus+ project Creating Equal Opportunities at School reden om een niet-talige test en lokale normen te gebruiken.
Het paradigma van talentontwikkeling erkent dat de omgeving een belangrijke rol speelt in het kunnen ontwikkelen van cognitief talent. Voor de hand liggend en bekend probleem is dat kinderen van hoogopgeleid en welvarende ouders meer kansen hebben om zich cognitief te ontwikkelen dan kinderen van laagopgeleide ouders en kinderen die in armoede opgroeien. Behalve de financiële, culturele en educatieve mogelijkheden die kinderen uit rijke gezinnen al een voorsprong geeft bij de start van school, speelt voor leerlingen uit arme gezinnen opnieuw het gevaar voor vooroordelen een rol. De verwachtingen waarover Christine Rubie-Davies in haar boek ‘Leraren met hoge verwachtingen’ uitgebreid schrijft, zijn in onze academische werkplaats onderwerp van onderzoek in de praktijk, zodat leraren zich bewust worden van hun verwachtingen. Vervolgens kunnen ze werken aan hoge verwachtingen voor alle leerlingen, als ze die nog niet bleken te hebben.
Het differentiatieparadigma focust op onderwijs- of ondersteuningsbehoeften van leerlingen en gaat ervan uit dat die tijdelijk zijn. Het gaat er in dit paradigma niet om of leerlingen het stempel hoogbegaafd hebben, maar om wat een leerling nodig heeft. Het betekent dat leraren moeten differentiëren in de les, want niet iedere leerling heeft hetzelfde nodig. Om goed te kunnen differentiëren, moet je als leraar je leerlingen goed in beeld hebben. En opnieuw komt het gevaar van onbewuste vooroordelen op.
Het hoofdstuk laat goed zien hoe ingewikkeld het thema gelijke kansen is en ook hoe groot de rol van leraren is bij het geven van zo gelijk mogelijke kansen. Dat begint met je bewust zijn van je eigen opvattingen over wat begaafdheid is en hoe het eruit ziet, én van je eigen vooroordelen. Kijk bijvoorbeeld nog eens kritisch naar je leerlingenlijst: Heb je iedere leerling wel goed in beeld? Dit hoofdstuk in De Gids 2.0 leest vooral als een introductie op het onderwerp gelijke kansen in het begaafdenonderwijs. Heel erg praktisch wordt het nog niet, maar het is ook de vraag of je dat kunt verwachten bij dit complexe thema. Een aanbeveling zou zijn om het hoofdstuk verder uit te werken naar deelonderwerpen, zoals bijvoorbeeld: Hoe signaleer je? Hoe werk je vanuit hoge verwachtingen? Hoe differentieer je op verantwoorde wijze? Dit zouden wellicht interessante hoofdstukken zijn voor De Gids 3.0.